Pretzels, 6 stuks

 

350 gram bloem

250 ml lauw water

7 gram droge gist

1 theelepel suiker

1 theelepel zout

 

1 ei

parelsuiker of zeezoutvlokken

 

Doe het water in kom en strooi de bloem hierop.

Doe nu het zout, de suiker en gist bij het mengsel en roer voorzichtig met een lepel alles doorelkaar.

Als alles doorgeroerd is kan je met je handen of met een keukenmachine het deeg goed doorkneden. Mocht het deeg te vochtig blijven strooi er dan nog wat bloem bij. Niet teveel want anders wordt het deeg taai.

Maak een bol van het deeg en leg het in een kom.

Zet de kom, met een theedoek eroverheen, op de verwarming, in de zon of op een andere warme plaats.

Je kunt ook de oven eventjes op 50 graden voorverwarmen, hem weer uitzetten en dan de afgedekte kom met deeg erin zetten.

Laat het deeg minstens een uur rijzen.

 

Verwarm de oven voor op 225 graden.

Verdeel het deeg in 6 stukken en rol elk stuk deeg tot een hele lange sliert.

Vorm het deeg tot een pretzel door de uiteinden om elkaar heen te vouwen.

Plaats de pretzels op een met bakpapier ( of ingevet aluminiumfolie ) beklede bakplaat.

Klop het ei in een kommetje en bestrijk de pretzels ermee.

Strooi nu de suikerparels of zoutvlokken op de pretzels.

Bak 10 minuten.

 

Ook lekker:

Voeg gebakken spekjes of uitjes toe aan het deeg.

Mix de suikerparels ook door het deeg.

Bestrijk de pretzels als ze afgekoeld zijn met gesmolten chocola en laat hard worden.